| Werkzame personen | Markthandel in overige non-food | Markthandel in textiel en kleding | Aandeel eerste branche |
|---|---|---|---|
| 1 persoon | 2.785 | 1.295 | 81,9% |
| 2 personen | 460 | 300 | 13,5% |
| 3–4 personen | 125 | 50 | 3,7% |
| 5–9 personen | 20 | 15 | 0,6% |
| 10–19 personen | 5 | 0 | 0,1% |
| 20–49 personen | 0 | 0 | 0% |
| 50–99 personen | 0 | 0 | 0% |
| 100+ personen | 0 | 0 | 0% |
Bron CBS, StatLine 81589NED, SBI 2008. Een Nederlands bedrijf kan meerdere vestigingen omvatten. Percentages en grenzen zijn benaderingen op afgeronde aantallen. Januari 2024 is definitief, 2025 nader voorlopig en 2026 voorlopig. De vergelijkingsbranches zijn niet opgeteld.
Hoe herkenbaar is een kleine ploeg in markthandel in overige non-food?
Van de 3.400 bedrijven vielen er 460 in de groep met twee personen en 125 in die met drie of vier. Samen geeft dat ongeveer 17,2% van de bedrijventelling. Voor markthandel in textiel en kleding komt dezelfde optelling op 350 van de 1.660 uit, of 21,1%. Het verschil vertelt je in welke groep een kleine ploeg vaker voorkomt. Je hebt nog een afzonderlijk rooster nodig om te weten hoeveel mensen op hetzelfde moment aan een betaalde bestelling werken.
Neem dezelfde bedrijfsgrootte mee naar de tweede afspraak
De twee grootste categorieën binnen markthandel in overige non-food waren bedrijven met één werkzame persoon en met twee werkzame personen. Hun aantallen waren 2.785 en 460. Bij markthandel in textiel en kleding stond één werkzame persoon bovenaan met 1.295 bedrijven. Wil je weten of een aanpak overdraagbaar is, vraag dan om een gesprek met iemand die een vergelijkbaar aantal werkplekken draagt. Laat de ander inkopen, adviseren en overdragen langs één opdracht uitleggen en bepaal wie voor een artikel dat retour komt bereikbaar blijft.
Welke vergelijkingsbranche ligt het dichtst bij markthandel in overige non-food?
De vergelijking draait om de maatstaf ‘aandeel van bedrijven met twee tot en met vier werkzame personen’. Hiervoor staan 6 activiteiten uit hoofdtak 47 naast elkaar. Het laagste resultaat komt voor rekening van winkels tweedehands (geen kleding) (14,9%), het hoogste voor winkels in overige voedingsmiddelen (36,7%). Bij 1 van de onderzochte activiteiten ligt de waarde lager dan 17,2% en bij 4 hoger. Met 14,9% komt winkels tweedehands (geen kleding) het meest in de buurt van markthandel in overige non-food. Kies je uitsluitend op het totale bedrijfsaantal, dan kom je uit bij supermarkten en warenhuizen met 3.325 bedrijven. Selecteer je op de gemeten verdeling, dan is winkels tweedehands (geen kleding) met 14,9% de nadere vergelijking.
Wat veranderde er tussen januari 2022 en januari 2024?
Binnen de geselecteerde januarimetingen lag de sterkste verschuiving per jaar voor SBI 4789 tussen januari 2022 en januari 2024. De uitkomst ging van 17,9% naar 17,3%. Over 2 jaar is het verschil -0,6 procentpunt, of gemiddeld -0,3 procentpunt per jaar. Bij markthandel in textiel en kleding ging dezelfde maatstaf over die twee peildata van 22,7% naar 21,9%. De verandering van het totaal tussen oktober 2025 en oktober 2026 bedroeg -295 bedrijven. De telling van bedrijven met twee tot en met vier personen verschoof tegelijkertijd met -50. Daardoor veranderde de gekozen maatstaf van 17,2% naar 17,2%.
Wanneer markthandel in overige non-food zelf weinig referenties van passende omvang oplevert, is winkels tweedehands (geen kleding) een tweede richting om te onderzoeken. Beschrijf tegenover de adviseur het concrete werk aan een betaalde bestelling. Een begroting die is ontleend aan markthandel in textiel en kleding verdient vooral uitleg over de omvang van de ploeg, de beschikbaarheid tijdens een artikel dat retour komt en de uren die de eigenaar zelf maakt.


