| Werkzame personen | Winkels in doe-het-zelfartikelen | Winkels in meubels | Aandeel eerste branche |
|---|---|---|---|
| 1 persoon | 1.890 | 855 | 44,8% |
| 2 personen | 780 | 350 | 18,5% |
| 3–4 personen | 605 | 240 | 14,4% |
| 5–9 personen | 545 | 180 | 12,9% |
| 10–19 personen | 265 | 65 | 6,3% |
| 20–49 personen | 95 | 40 | 2,3% |
| 50–99 personen | 15 | 20 | 0,4% |
| 100+ personen | 25 | 15 | 0,6% |
Bron CBS, StatLine 81589NED, SBI 2008. Een Nederlands bedrijf kan meerdere vestigingen omvatten. Percentages en grenzen zijn benaderingen op afgeronde aantallen. Januari 2024 is definitief, 2025 nader voorlopig en 2026 voorlopig. De vergelijkingsbranches zijn niet opgeteld.
Hoe herkenbaar is een kleine ploeg in winkels in doe-het-zelfartikelen?
Van de 4.215 bedrijven vielen er 780 in de groep met twee personen en 605 in die met drie of vier. Samen geeft dat ongeveer 32,9% van de bedrijventelling. Voor winkels in meubels komt dezelfde optelling op 590 van de 1.765 uit, of 33,4%. Het verschil vertelt je in welke groep een kleine ploeg vaker voorkomt. Je hebt nog een afzonderlijk rooster nodig om te weten hoeveel mensen op hetzelfde moment aan een betaalde bestelling werken.
Neem dezelfde bedrijfsgrootte mee naar de tweede afspraak
De twee grootste categorieën binnen winkels in doe-het-zelfartikelen waren bedrijven met één werkzame persoon en met twee werkzame personen. Hun aantallen waren 1.890 en 780. Bij winkels in meubels stond één werkzame persoon bovenaan met 855 bedrijven. Wil je weten of een aanpak overdraagbaar is, vraag dan om een gesprek met iemand die een vergelijkbaar aantal werkplekken draagt. Laat de ander inkopen, adviseren en overdragen langs één opdracht uitleggen en bepaal wie voor een artikel dat retour komt bereikbaar blijft.
Welke vergelijkingsbranche ligt het dichtst bij winkels in doe-het-zelfartikelen?
De vergelijking draait om de maatstaf ‘aandeel van bedrijven met twee tot en met vier werkzame personen’. Hiervoor staan 6 activiteiten uit hoofdtak 47 naast elkaar. Het laagste resultaat komt voor rekening van webwinkels in elektronica (13,7%), het hoogste voor winkels woninginrichting algemeen (35,8%). Bij 2 van de onderzochte activiteiten ligt de waarde lager dan 32,9% en bij 3 hoger. Met 33,4% komt winkels in meubels het meest in de buurt van winkels in doe-het-zelfartikelen. Kies je uitsluitend op het totale bedrijfsaantal, dan kom je uit bij winkels in vrijetijdsartikelen met 4.140 bedrijven. Selecteer je op de gemeten verdeling, dan is winkels in meubels met 33,4% de nadere vergelijking.
Wat veranderde er tussen januari 2025 en januari 2026?
Binnen de geselecteerde januarimetingen lag de sterkste verschuiving per jaar voor SBI 4752 tussen januari 2025 en januari 2026. De uitkomst ging van 34,9% naar 33,9%. Over één jaar is het verschil -1,1 procentpunt, of gemiddeld -1,1 procentpunt per jaar. Bij winkels in meubels ging dezelfde maatstaf over die twee peildata van 35,6% naar 33,9%. De verandering van het totaal tussen oktober 2025 en oktober 2026 bedroeg +320 bedrijven. De telling van bedrijven met twee tot en met vier personen verschoof tegelijkertijd met +25. Daardoor veranderde de gekozen maatstaf van 34,9% naar 32,9%.
Wanneer winkels in doe-het-zelfartikelen zelf weinig referenties van passende omvang oplevert, is winkels in meubels een tweede richting om te onderzoeken. Beschrijf tegenover de adviseur het concrete werk aan een betaalde bestelling. Een begroting die is ontleend aan winkels in meubels verdient vooral uitleg over de omvang van de ploeg, de beschikbaarheid tijdens een artikel dat retour komt en de uren die de eigenaar zelf maakt.



