| Werkzame personen | Winkels in verlichtingsartikelen | Winkels in witgoed | Aandeel eerste branche |
|---|---|---|---|
| 1 persoon | 145 | 115 | 59,2% |
| 2 personen | 55 | 35 | 22,4% |
| 3–4 personen | 30 | 35 | 12,2% |
| 5–9 personen | 10 | 25 | 4,1% |
| 10–19 personen | 5 | 5 | 2% |
| 20–49 personen | 0 | 0 | 0% |
| 50–99 personen | 0 | 0 | 0% |
| 100+ personen | 0 | 0 | 0% |
Bron CBS, StatLine 81589NED, SBI 2008. Een Nederlands bedrijf kan meerdere vestigingen omvatten. Percentages en grenzen zijn benaderingen op afgeronde aantallen. Januari 2024 is definitief, 2025 nader voorlopig en 2026 voorlopig. De vergelijkingsbranches zijn niet opgeteld.
Hoe herkenbaar is een kleine ploeg in winkels in verlichtingsartikelen?
Van de 245 bedrijven vielen er 55 in de groep met twee personen en 30 in die met drie of vier. Samen geeft dat ongeveer 34,7% van de bedrijventelling. Voor winkels in witgoed komt dezelfde optelling op 70 van de 215 uit, of 32,6%. Het verschil vertelt je in welke groep een kleine ploeg vaker voorkomt. Je hebt nog een afzonderlijk rooster nodig om te weten hoeveel mensen op hetzelfde moment aan een betaalde bestelling werken.
Neem dezelfde bedrijfsgrootte mee naar de tweede afspraak
De twee grootste categorieën binnen winkels in verlichtingsartikelen waren bedrijven met één werkzame persoon en met twee werkzame personen. Hun aantallen waren 145 en 55. Bij winkels in witgoed stond één werkzame persoon bovenaan met 115 bedrijven. Wil je weten of een aanpak overdraagbaar is, vraag dan om een gesprek met iemand die een vergelijkbaar aantal werkplekken draagt. Laat de ander inkopen, adviseren en overdragen langs één opdracht uitleggen en bepaal wie voor een artikel dat retour komt bereikbaar blijft.
Welke vergelijkingsbranche ligt het dichtst bij winkels in verlichtingsartikelen?
De vergelijking draait om de maatstaf ‘aandeel van bedrijven met twee tot en met vier werkzame personen’. Hiervoor staan 6 activiteiten uit hoofdtak 47 naast elkaar. Het laagste resultaat komt voor rekening van winkels in handwerken en breiwol (17,5%), het hoogste voor winkels in tegels (36,5%). Bij 4 van de onderzochte activiteiten ligt de waarde lager dan 34,7% en bij 1 hoger. Met 36,5% komt winkels in tegels het meest in de buurt van winkels in verlichtingsartikelen. Ook qua omvang ligt winkels in tegels het dichtst bij winkels in verlichtingsartikelen, met 260 tegenover 245 bedrijven. Daarmee vallen twee selectiecriteria hier samen.
Wat veranderde er tussen januari 2025 en januari 2026?
Binnen de geselecteerde januarimetingen lag de sterkste verschuiving per jaar voor SBI 47592 tussen januari 2025 en januari 2026. De uitkomst ging van 34,9% naar 39%. Over één jaar is het verschil +4,1 procentpunt, of gemiddeld +4,1 procentpunt per jaar. Bij winkels in witgoed ging dezelfde maatstaf over die twee peildata van 33,3% naar 31,7%. De verandering van het totaal tussen oktober 2025 en oktober 2026 bedroeg +45 bedrijven. De telling van bedrijven met twee tot en met vier personen verschoof tegelijkertijd met +10. Daardoor veranderde de gekozen maatstaf van 37,5% naar 34,7%.
Wanneer winkels in verlichtingsartikelen zelf weinig referenties van passende omvang oplevert, is winkels in tegels een tweede richting om te onderzoeken. Beschrijf tegenover de adviseur het concrete werk aan een betaalde bestelling. Een begroting die is ontleend aan winkels in witgoed verdient vooral uitleg over de omvang van de ploeg, de beschikbaarheid tijdens een artikel dat retour komt en de uren die de eigenaar zelf maakt.



