Leg de twee mogelijkheden naast elkaar
Zet ‘Eerst het lokale mandaat uitbreiden’ en ‘De tweede locatie gefaseerd openen’ als kolommen naast elkaar. Gebruik ‘Weekroosters en mandaat van de locatiemanager’ om in beide kolommen hetzelfde aspect te beoordelen. Wanneer de ene optie een uitgebreidere opdracht omvat, markeer je eerst dat verschil. Een kortere doorlooptijd, lager bedrag of groter bereik kan anders vooral een verschil in afbakening weerspiegelen.
De afweging achter ‘Eerst het lokale mandaat uitbreiden’ wordt pas duidelijk wanneer je het gevolg bespreekt. De eerste zaak kan leren functioneren met minder eigenaarstijd, maar training kost aandacht. Vraag daarna wat er verandert onder ‘De tweede locatie gefaseerd openen’. De eigenaar kan tijdelijk tussen locaties verdelen, met een langere opstart. Gebruik dit verschil voor ‘Roosteranalyse’, ook als de keuze nog openblijft.
De twee condities in het werkblad
Gebruik de twee waarden als controle op je vergelijking. Huidig rooster komt uit op 34 uren per week. Bij gepland tweelocatierooster staat 18 uren per week. Het verschil bedraagt 16 uren per week in neerwaartse richting. Bespreek of dit verschil voor multi-unit ondernemer zwaar genoeg weegt om de andere mogelijkheid los te laten. De uitkomst van de som en de keuze zelf zijn twee verschillende stappen.
Maak de keuze achter «Markeer piekdagen» zichtbaar in twee kolommen. De optie «Eerst het lokale mandaat uitbreiden» en de optie «De tweede locatie gefaseerd openen» vragen mogelijk ander bewijs. Houd 34 uren per week en 18 uren per week bij hun eigen conditie en leg uit welke van de twee bruikbaar is voor deze vergelijking. Het bewijsstuk voor je eigen bewerking is Weekroosters en mandaat van de locatiemanager. Schrijf de doorslaggevende voorwaarde bij jouw voorkeur. Daarmee kan een collega ook een andere conclusie trekken wanneer die voorwaarde verandert. De bedragen of tellingen in deze oefening horen bij het gekozen voorbeeld.
Van uitwerking naar beslissing
Werk de vergelijking af met één zin voor het team. Noem de voorkeur, de reden en de voorwaarde die nog moet worden bevestigd. Als ‘Test één overdracht’ voor die bevestiging nodig is, houd je die taak apart. Zo blijft een voorlopig voordeel herkenbaar als voorlopig.
Scheid de vraag van de ondernemer, de afgesproken adviesopdracht en de beslissing waarvoor een specialist nodig is. Bij de vraag ‘Markeer piekdagen’ helpt het om één toetsbare zin te noteren over een tweede vestiging trekt de eigenaar weg. Vermeld welke informatie je gebruikt en welke afspraak nog ontbreekt. Een collega kan dan zien welke vervolghandeling logisch is zonder de hele aanleiding opnieuw te reconstrueren.
Controleer je notitie aan de hand van een praktisch tegenvoorbeeld. Stel dat ‘Weekroosters en mandaat van de locatiemanager’ later wordt bijgewerkt. Welke uitspraak over markeer piekdagen zou je dan opnieuw moeten toetsen? Schrijf op wat de wijziging betekent voor multi-unit ondernemer en wie daarover bericht moet krijgen. Dat maakt de uitwerking bruikbaar bij een volgende versie van het dossier.



